Anderstalige nieuwkomers die in België aankomen, krijgen via het OKAN-onderwijs een intensief taalbad. Maar het echte werk begint vaak pas daarna, wanneer ze doorstromen naar het reguliere onderwijs. De Vlaamse regering is echter van plan om twee derde van de middelen voor de coaches die hen daarbij begeleiden, te schrappen.
De kloof van 13.000 woorden
Volgens Sarah de Leest, coach bij GO! Kompaz, is die ondersteuning van levensbelang. “Na een jaar OKAN kent een leerling gemiddeld 3.000 woorden. Hun Nederlandstalige leeftijdsgenoten kennen er 16.000. Die enorme kloof overbrug je niet alleen”, legt ze uit. “In de reguliere klas begrijpen deze leerlingen vaak maar 30 procent van de les. Wij ondersteunen hen én de leerkrachten om die overgang haalbaar te houden.”
Voor de leerlingen zelf is de coach veel meer dan een taalleraar. “Ze helpen ons niet alleen met de taal, maar ook met emotionele dingen, zoals stress of verdriet als we iets niet begrijpen”, vertellen oud-OKAN-leerlingen Milaniya en Natally.
Van 5 naar 1 coach
De impact van de besparingen in Zaventem is: waar nu vijf coaches klaarstaan voor 80 huidige en 44 oud-OKAN-leerlingen, die ook nog begeleiding krijgen, zou er straks nog maar één persoon overblijven. Het protest tegen de maatregel klinkt dan ook steeds luider.
De kritiek aan het adres van de Vlaamse regering is scherp, zeker omdat diezelfde regering van Nederlands en werkgelegenheid speerpunten maakt. “Als we hierop besparen, stromen leerlingen zonder diploma uit en belanden ze in de werkloosheid,” aldus De Leest. “De kosten voor het OCMW of de RVA zullen uiteindelijk vele malen groter zijn dan de investering die men nu wegbezuinigt.”
Besparingen op OKAN-coaches treffen ook leerkrachten
De plannen van de Vlaamse regering om fors te snoeien in het aantal OKAN-vervolgcoaches leiden ook tot een noodkreet in het onderwijs. Niet alleen leerlingen, maar ook leerkrachten dreigen het slachtoffer te worden. "Zonder deze steun komt de onderwijskwaliteit in het gedrang", klinkt het bij GO! Kompaz in Zaventem.
Wanneer vervolgcoaches wegvallen, landt de complexe begeleiding van anderstalige nieuwkomers volledig op het bord van de vakleerkracht. Volgens directeur Rob Caers is dat onhaalbaar: "Leerkrachten willen het potentieel van elke leerling waarmaken, maar ze hebben simpelweg de tijd niet om die extra ondersteuning erbij te nemen."
Leerkracht Bart Hassink vreest dat de focus op de kernopdracht, kwaliteitsvol lesgeven, verdwijnt door de extra planlast. Dit is extra pijnlijk omdat veel OKAN-leerlingen doorstromen naar knelpuntsectoren zoals de zorg en logistiek. Door nu te besparen op coaching, dreigt de broodnodige instroom naar deze sectoren op te drogen.