Opwijk wil de wekelijkse markt veiliger en gezelliger maken
© Gemeente Opwijk

Opwijk weert auto’s, fietsen en steps van wekelijkse markt: “Meer veiligheid zorgt voor fijnere beleving”

De gemeente Opwijk gaat voor meer gezelligheid en veiligheid op de wekelijkse markt. Zo worden fietsers en steps geweerd. “Zo zorgen we automatisch ook voor een fijnere beleving”, klinkt het bij bevoegd schepen Evelien Beeckman.

Vandaag start Opwijk met een sensibiliseringsactie tijdens de wekelijkse markt. Prioritair wordt gewerkt aan de beveiliging van de marktzone. Binnen de marktzone geldt van 6 tot 14 uur een volledig parkeerverbod en worden de straten afgesloten voor alle verkeer. Zowel marktkramers als marktbegeleiders stellen vast dat weggebruikers het niet meer zo nauw nemen met deze maatregelen. De actie start vandaag met ondersteuning van de gemeenschapswachten en de wijkpolitie. Zij zullen fietsers en steppers aanvankelijk sensibiliseren om hun rijwiel aan de hand te houden terwijl ze over de markt stappen.

“Aan alle ingangen tot de marktzone wordt opvallende signalisatie geplaatst waarin wordt gewezen op het verkeersvrij karakter van de markt: uiteraard geen autoverkeer en fiets of step aan de hand”, legt schepen van Markten Evelien Beeckman uit. “Foutparkeerders krijgen een laatste waarschuwing. Autobestuurders die de verkeersregels overtreden, riskeren onmiddellijk een boete. Vanaf eind deze maand wordt voor alle doelgroepen overgegaan tot controle en handhaving. Met de maatregelen zorgen we voor meer veiligheid op de markt en automatisch ook voor een fijnere beleving.”

Er zullen in de loop van deze bestuursperiode nog meer acties volgen om van de markt een plek te maken waar inwoners in alle veiligheid kunnen winkelen en bijpraten. “De wekelijkse vrijdagmarkt bestaat al meer dan 25 jaar. En hoewel de marktkramers het tegenwoordig niet onder de markt hebben – een algemene trend – bieden we in Opwijk wekelijks toch gemiddeld 17 kramen een vaste standplaats en doen gemiddeld 400 klanten uit Opwijk en de buurgemeenten hun boodschappen lokaal op de markt”, besluit Beeckman.