Opperste concentratie tijdens het schrijven van een verhaal voor De Wondere Pluim

Beerselse leerlingen verkennen grenzen van de grammatica voor Wondere Pluim: "Voor ons gaat het over het verhaal"

Het jaarlijkse schrijfgebeuren De Wondere Pluim daagt lagereschoolleerlingen uit om creatief aan de slag te gaan met taal. Heel wat kinderen uit de Vlaamse Rand nemen deel aan het initiatief, zo ook het vijfde leerljaar van basisschool Sint-Victor in Beersel.

Voor de vijfde keer wordt De Wondere Pluim georganiseerd in de Vlaamse Rand. De organisatie noemt De Wondere Pluim niet graag een schrijfwedstrijd. "We willen kinderen vooral het plezier geven om te schrijven in het Nederlands", zegt Renate Coen, coördinator De Wondere Pluim. "Hier in de Vlaamse Rand zijn er ook heel wat kinderen met een andere thuistaal en we motiveren ze dus om een verhaal te schrijven met heel veel fantasie en creativiteit."

Spelling of grammatica zijn ondergeschikt aan het verhaal in de Wondere Pluim. Bij de vijfde editie ziet Mieke Deknop, de directeur van Sint-Victor, steeds betere verhalen. "Waar we eerst hele kleine korte verhaaltjes met kortzinnetjes zagen, zien we nu soms al verhalen verschijnen van twee bladzijden lang. Dus dat is zeker een mooie evolutie", zegt Deknop.

Heel wat verhalen komen in het Grote Pluimboek terecht. Een eerste selectie wordt gemaakt door een jury van ouders, daarna buigt een leescomité zich er nog eens over. Dat comité selecteert een vijftigtal verhalen die gebundeld worden. Een vakjury, gespecialiseerd in jeugdliteratuur, en een kinderjury kiezen elk nog eens twaalf verhalen die in het boek terechtkomen.