Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

Marc Sleen Museum vindt tweede adem

Marc Sleen Museum vindt tweede adem

Het Marc Sleen Museum in Brussel heeft een tweede adem gevonden. Vorige week heropende het opnieuw de deuren nadat zowel de inrichting als de inhoud werd opgefrist. Het museum werd verrijkt met de zogenaamde 'Knagele Kubus'. Daarin kunnen jonge kunstenaars aan hun eigen projecten werken in de geest van de grootmeester van de Vlaamse strip én ereburger van Hoeilaart die in 2016 overleed.

 

De 'Knalgele Kubus" is het gevolg van een informele samenwerking tussen Sint-Lukas Schaarbeek en het Franstalige Saint Luc in Brussel, de twee enige scholen in Brussel die een echte stripopleiding geven. "We waren aan vernieuwing toe”, zegt Catharina Kochuyt, weduwe van Marc Sleen en voorzitter van de Stichting Marc Sleen. “Dat nieuwe leven beginnen we met een fantastisch project, een 'incubator' project waarbij jonge afgestudeerde striptekenaars hier één keer per week hun werk kunnen beginen of afmaken en die hier de permanentie doen.”

Die jonge kunstenaars moeten ook interactie met het publiek opleveren. Op die manier hoopt het museum meer bezoekers aan te trekken. "Ik vind het gewoon fantastisch dat de geest van Marc hier kan rondwaren in dat klein mooi museumpje. Eigenlijk waakt hij over die jonge striptekenaars want de schat van Hoeilaart is hier nog altijd in de kelder en hij ziet dagelijks wat zij hier tekenen”, aldus Kochuyt.

Die schat is uiteraard het atelier van Marc Sleen uit zijn villa in Hoeilaart dat helemaal is gereconstrueerd. In het Marc Sleen Museum loopt ook een nieuwe, tijdelijke tentoonsteling. Je kan er gaan kijken naar 'De stad spreekt', dat het werk van Sleen en twaalf andere stripauteurs belicht,